Maas theater dans podium

TEST: beest of beauty?

Op wie lijk jij het meest? Op Beauty, het beest of de jaloerse stiefzus? Test het hier:

1. Wanneer je ’s morgens in de spiegel kijkt, zie je plots een puist midden op je neus. Wat doe je?
Je ontwijkt de hele dag de spiegel en blijft ziek thuis, niemand mag je zo zien.
Je haalt je schouders op en gaat gewoon naar school. Je hebt tenslotte een belangrijke toets vandaag.
Je tekent met een rode stift nog meer stippen op je gezicht en vertelt je ouders dat je de waterpokken hebt. Zo blijf je lekker een hele week in bed.

Correct!

Wrong!

2. Laat op de avond belt er een fietser aan met een lekke band. Hij vraagt om hulp. Wat doe je?
Natuurlijk help je de fietser. Je vraagt meteen je vader en een handige oom om een handje te komen helpen.
Je brengt de fietser naar de schuur, hier kan hij zelf aan de slag met jouw gereedschap. Hij kan meteen jouw band ook plakken.
Halloooo, je gaat echt geen fietsband plakken. Bovendien is het tijd voor je schoonheidsslaapje.

Correct!

Wrong!

3. Op school moet je samenwerken voor een groepswerkstuk. Wat doe je?
Je duikt meteen fanatiek de boeken in. Jouw enthousiasme steekt de rest van je groepje snel aan en jullie maken een top werkstuk.
Je houdt van groepsopdrachten. Zo kan je ongezien zo min mogelijk doen en vervolgens met de eer strijken.
Je koopt wat klasgenoten om zodat ze jouw gedeelte schrijven.

Correct!

Wrong!

4. Je kleine zusje krijgt een groot cadeau van je ouders. Wat doe je?
Je bent jaloers en doet er alles aan om een nog groter cadeau te krijgen.
Wauwie, wat een mooi cadeau. Je vraagt binnenkort wel aan je zusje of je het een keer mag lenen.
Zij wel een cadeau en jij niet? Dat kan niet. Zodra je zusje slaapt, sluip je naar haar kamer om het cadeau te stelen en kapot te maken.

Correct!

Wrong!

5. Een gepeste jongen uit je klas krijgt de schuld voor iets wat zijn pestkop heeft gedaan. Wat doe jij?
Ha, lekker voor ‘m. De volgende keer schuif jij ook de schuld op hem af.
Je neemt de schuld op je zodat hij geen straf krijgt. Hij krijgt al genoeg te verduren.
Je verkoopt de pestkop na schooltijd een goed pak slaag. Hij zal ervoor boeten.

Correct!

Wrong!

6. Er komt een nieuwe leerling in de klas. Wat doe je?
Je stelt de leerling voor aan je vriendengroep, hoe meer zielen hoe meer vreugd.
Je laat meteen weten wie je bent en dat de nieuwe leerling niet met je moet sollen.
Je bereidt alvast wat gemene grappen voor. Een nieuwe leerling betekent een nieuw slachtoffer.

Correct!

Wrong!

7. Er worden audities gehouden voor de jaarlijkse schoolmusical. Wat doe je?
Je bent al weken je monoloog aan het repeteren. Een goede voorbereiding is het halve werk.
Als jij meedoet, weten de anderen dat ze geen kans maken, iedereen vindt jou fantastisch. Dus wanneer je het toneel oploopt, heb je de hoofdrol al.
Je moet en zal de hoofdrol krijgen. Voor de zekerheid saboteer je de andere auditanten.

Correct!

Wrong!

8. Het is Valentijn. Je vindt iemand heel erg leuk en wil diegene verkering vragen. Wat doe je?
Je bent niet bang, loopt naar hem/haar toe en vraagt of diegene verkering wil.
Je beste vriend(in) geeft een briefje aan diegene waar je verliefd op bent.
Je geeft hem/haar geen keus en eist dat hij/zij verliefd op je is.

Correct!

Wrong!

9. Er is een lerares waar iedereen bang voor is, omdat zij erg snel boos wordt. Je bent bij haar geroepen. Wat doe je?
Je verzint een smoesje waardoor je niet naar haar toe hoeft.
Je gaat naar de leraar toe en vraagt waarom ze zo snel boos wordt.
Je gaat naar de leraar toe en zorgt dat ze bang voor jou wordt. Zo durft ze in ieder geval niet meer boos tegen jou te doen.

Correct!

Wrong!

10. Je moet van je ouders om 21.00 uur thuis zijn. Je kijkt op je mobiel en ziet dat het ongemerkt 22.30 uur is. Wat doe je ?
Je gaat gewoon naar huis en doet alsof er niets aan de hand is.
Je belt je vader en zegt dat je de tijd bent vergeten. Je springt nu op de fiets.
Je laat je band leerglopen en zegt dat iemand anders dat heeft gedaan. Je laat je mascara uitlopen met water en doet alsof je het zo erg vindt dat je moest huilen.

Correct!

Wrong!

11. Je ouders geven je geld mee om aardbeien te kopen op de markt. Wat doe je?
Je gaat naar de markt en maakt een gezellig praatje. De groenteboer vindt jou zo aardig dat je naast aardbeien ook wat lekkere appels meekrijgt.
Yes! Dit laatste beetje geld had je nodig om die mooie schoenen te kopen. Je vertelt je ouders dat je het geld onderweg bent verloren.
Je koopt aardbeien op de markt, maar onderweg naar huis kan je jezelf niet beheersen. Thuis aangekomen heb je de aardbeien al opgeschrokt.

Correct!

Wrong!

Share the quiz to show your results !

Subscribe to see your results

Op wie lijk jij? Op Beauty, het beest of de jaloerse stiefzus?

I'm %%personality%%

%%description%%

But I'm also %%personality%%

%%description%%

Loading...